Oorsprong en geschiedenis
De ezel is geen variant van het paard. Het is een andere soort, met een eigen afkomst.
De gedomesticeerde ezel (Equus asinus) stamt af van de Afrikaanse wilde ezel, Equus africanus. Genetisch en archeologisch onderzoek plaatst het begin van de domesticatie in Noordoost-Afrika, ruwweg zevenduizend tot vijfduizend jaar geleden, in een landschap dat aan het verdrogen was.
Van de twee wilde ondersoorten heeft vooral de Nubische wilde ezel bijgedragen aan de tamme ezel. De Somalische lijn loopt in de stamboom van het huisdier grotendeels dood.
Dat het een andere soort is dan het paard, is geen woordenspel. Een ezel heeft 62 chromosomen, een paard 64. Een muildier krijgt er 63 en is daardoor vrijwel altijd onvruchtbaar. Alles wat hierna volgt (de vacht, de hoeven, het gedrag, de pasvorm) komt uit die scheiding voort.
Afstamming en domesticatiedatering: overzichtsliteratuur over Equus africanus.